 |
 |
 |
 |
Wanneer de waarden voortdurend
te hoog blijven: dan spreekt men van
arteriële hypertensie (AHT).
Normale en abnormale waarden van de bloeddruk:
 |
 |
Een systolische
(SBD) en diastolische (DBD) bloeddruk lager dan
120 / 80 mmHg is optimaal.
Een bloeddruk lager dan 130 / 85 mmHg is nog normaal.
Een bloeddruk tussen 130-139 mmHg systolisch en
tot 85-89 mmHg diastolisch is hoognormaal.
| Vervolgens |
- lichte AHT (graad 1) (SBD 140-159
of DBD 90-99)
- matige AHT (graad 2) (SBD 160-179 of DBD 100-109)
- ernstige AHT (graad 3) (SBD > 180 of DBD >
110) |
Een geïsoleerde systolische hypertensie is een SBD
> 160 mmHg en een DBD< 90 mmHg
(komt zeer vaak voor bij 60-plussers) |
 |
 |
|
 |
 |
|
 |
 |
 |
|