 |
 |
 |
|
 |
 |
Hypertensie is niet echt een ziekte maar eerder een risicofactor
voor hart- en bloedvaatziekten.
Waarom? Omdat men vastgesteld heeft dat bepaalde gedragingen
of biologische afwijkingen het risico op een hart- en bloedvaatziekte
(een hartaanval, hartbeklemming, hersenberoerte, …) verhogen.
Hypertensie is één van de vele risicofactoren,
net zoals roken, een te hoog cholesterolgehalte, suikerziekte,
een zittend leven...
Hoe meer risicofactoren, hoe groter de kans op een hart- of
bloedvaatziekte.
Terwijl bepaalde risicofactoren niet behandeld of genezen kunnen
worden, kunnen andere zoals hypertensie wel onder controle gehouden
worden.
Wanneer hypertensie niet behandeld wordt, worden de bloedvaten
aangetast (ze raken verstopt). Met andere woorden: arteriële
hypertensie bevordert aderverkalking. Meerdere
organen kunnen aangetast worden (afhankelijk van de aangetaste
bloedvaten):
| • |
Het hart:
als de slagaders die het hart voeden verstopt raken en
de hartwand
verdikt, dan veroorzaakt dit complicaties zoals hartbeklemming,
hartaanval en hartinsufficiëntie. |
| • |
De hersenen:
de slagaders die de hersenen voeden kunnen verstopt raken
(hersentrombose) of een hersenbloeding veroorzaken. Beide
kunnen een verlamming, een coma of het overlijden van
de patiënt tot gevolg hebben. |
| • |
De nieren:
als de slagaders die de nieren voeden verstopt raken,
dan ontwikkel je een nierinsufficiëntie waarvoor
soms een behandeling met een kunstnier noodzakelijk zal
zijn. |
| • |
De ogen |
| • |
De grote bloedvaten
kunnen niet alleen verstoppen waardoor men pijn krijgt
bij het stappen, maar ook uitzetten en dit kan aanleiding
geven tot levensgevaarlijke bloedingen. |
Uw arts zal de ernst van uw
hypertensie bepalen en een medische check-up uitvoeren.
| 1. |
hij zal nagaan of de arteriële hypertensie
reeds schade heeft toegebracht aan bepaalde organen zoals:
het hart, de nieren, de hersenen (bloedafname, urineonderzoek,
elektrocardiogram, echografie, oogonderzoek) |
| 2. |
hij zal naar andere risicofactoren zoeken
die een aangepaste behandeling vereisen,
zoals diabetes, een te hoge cholesterol, roken en obesitas. |
| 3. |
hij zal de oorzaak van een secundaire hypertensie
onderzoeken en behandelen (maar dit is uiterst zeldzaam) |
| 4. |
hij zal alle aandoeningen onderzoeken
die de prognose of de behandeling kunnen beïnvloeden
(kanker, astma, hartaanval…) |
|
 |
 |
|
 |
 |
 |
|